Nulmeting ‘FMH op weg naar econeutraal’ afgerond

Het onderzoek ‘FMH op weg naar econeutraal’ is klaar. Om inzicht te krijgen in de huidige situatie kregen TwynstraGudde en PHI Factory exact een jaar geleden de opdracht van FMH om een nulmeting uit te voeren. Doel van het onderzoek was het inzichtelijk maken van de CO₂-footprint en de grondstofstromen. Over tien jaar wil FMH een volledig circulaire en CO₂-neutrale facilitaire dienstverlener zijn. Een prachtige ambitie die bijdraagt aan de rijksdoelstellingen.

FMH op weg naar econeutraal

De huidige consumptiemaatschappij leidt tot uitputting en vervuiling van onze aarde. We moeten als maatschappij slim en zuinig omgaan met onze grondstoffen en daarmee de uitstoot van CO₂ verminderen. Hier zijn nationaal en internationaal afspraken over gemaakt. Ook de Rijksoverheid werkt aan een duurzame economie voor de toekomst. FMH werkt elke dag aan een prettig werkklimaat en goede voorzieningen voor 30.000 rijksambtenaren in Den Haag. Als één van de grootste facilitaire dienstverleners neemt FMH maatschappelijke verantwoordelijkheid op het gebied van duurzaamheid en circulariteit. FMH wil dan ook proactief de negatieve impact van producten en diensten op de aarde verkleinen.

CO₂-footprint en grondstofstromen

Om inzicht te krijgen in de huidige situatie hebben TwynstraGudde en PHI Factory in opdracht van FMH een nulmeting uitgevoerd. Met de resultaten van het onderzoek weet FMH aan welke knoppen gedraaid moet worden om onze negatieve impact op de aarde te verkleinen. Vanuit het onderzoek is inzicht verkregen in de CO₂-footprint en de grondstofstromen. Een ander voordeel van de nulmeting is dat FMH vanaf heden de vooruitgang jaarlijks kan monitoren. Op basis van de laatste informatie uit de organisatie kan FMH dan datagedreven beslissingen maken en goed onderbouwde duurzame strategieën doorvoeren.

Infographic CO2-footprint interne bedrijfsvoering

Forse stappen

Op basis van de uitkomsten van het onderzoek liggen er veel kansen voor FMH om forse stappen te zetten richting een volledig circulaire facilitaire dienstverlening met een neutrale CO₂-impact. Als FMH de hele keten betrekt bij deze duurzaamheidsslag zorgt dat voor een versnelling. Door de klant – de rijkscollega’s - te betrekken en inzichtelijk te maken welke bijdrage iedereen heeft in deze transitie, draagt FMH samen met de ketenpartners bij aan het realiseren van een duurzame en circulaire economie.

22 koffiebekers per rijksambtenaar per week

De CO₂-footprint van zowel de interne bedrijfsvoering als dienstverlening van FMH is in kaart gebracht. Zo moet FMH 6.600 bomen per jaar planten om de footprint van onze interne bedrijfsvoering te compenseren. Dat zijn 13 bomen per FMH-medewerker. De footprint van de dienstverlening van FMH was in 2019 4000 ton CO₂. Ter vergelijking: om dat te compenseren zijn bijna 200.000 bomen nodig. Ook biedt deze nulmeting verassende inzichten. Zo komt bijvoorbeeld naar voren dat de gemiddelde rijksambtenaar 22 koffiebekers per week gebruikt. Nu FMH inzicht heeft in zijn eigen impact en die van de dienstverlening, weet FMH aan welke knoppen gedraaid moet worden om de CO₂-impact te verlagen. Hoe FMH dit precies gaat doen, dat is de stap waar nu mee aan de slag gegaan wordt. Maar één ding is zeker: FMH werkt graag samen met haar klanten, samenwerkingspartners en leveranciers aan het realiseren van een circulaire en CO2-neutrale dienstverlening.

Heb je interesse in de samenvatting van het rapport, vraag dit dan op bij de afdeling Duurzame dienstverlening van FMH

Programma Duurzame dienstverlening

Met onze zes speerpunten geven wij invulling aan de rijksbrede doelstellingen. Deze zijn vastgelegd in het FMH-jaarplan 2020 en doorvertaald naar het jaarplan 2021;

  • Vermindering van het aandeel restafval naar 35%.
  • Het verduurzamen van de catering.
  • Integratie van de principes van circulariteit.
  • De distributie van acht van de twaalf facilitaire producten via de logistieke hub.
  • Elektrificatie van 20% van het wagenpark.
  • Creëren van dertig nieuwe banen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Tekst: Judith Kraaijenbrink